Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Toolkit regionale VTV
Preventie
Preventie van ziekten en aandoeningen

Bevolkingsonderzoeken borstkanker en baarmoederhalskanker

Beschrijving en definities Gegevens en bronnen

Beschrijving en definities

Waarom gegevens over deelname aan bevolkingsonderzoeken in een regionale VTV?

Gemeenten zijn volgens de Wet publieke gezondheid (Wpg) verantwoordelijk voor de bescherming en bevordering van de gezondheid van de bevolking. Hieronder vallen ook het voorkómen en het vroegtijdig opsporen van ziekten in de bevolking of specifieke groepen in de bevolking.

De deelname aan de screening op baarmoederhalskanker en borstkanker verschilt per gemeente en per regio. Het is voor een gemeente van belang te weten of de deelname in de gemeente afwijkt van de deelname in andere gemeenten. Wanneer bekend is waar de opkomst achterblijft, kunnen maatregelen worden genomen die de deelname bevorderen.

Screening draagt bij aan vroegtijdige opsporing borstkanker

Borstkankerscreening is erop gericht vrouwen van 50 tot en met 75 jaar met behulp van borstfoto’s (mammografie) te screenen op de aanwezigheid van (vroege stadia van) borstkanker. Door vroegtijdige opsporing kunnen patiënten eerder worden behandeld, waardoor de kansen op genezing, vermindering van klachten en overleving toenemen.

Screening op baarmoederhalskanker kan sterfte voorkomen

In Nederland worden vrouwen tussen 30 en 60 jaar om de vijf jaar uitgenodigd om een uitstrijkje te laten maken. Het uitstrijkje kan baarmoederhalskanker en met name voorstadia daarvan opsporen, voordat er klachten zijn. Wanneer kanker in een vroeg stadium en afwijkingen of (mogelijke) voorstadia behandeld worden, kan sterfte aan baarmoederhalskanker worden voorkomen.

Screeningsorganisatie of huisarts nodigen uit voor de screening

Landelijk zijn er vijf screeningsorganisaties die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het bevolkingsonderzoek in hun regio. Soms delegeert de screeningsorganisatie het uitnodigen van de vrouwen aan de huisartsen. De screeningsorganisatie (of huisarts) stuurt aan de hand van de gegevens uit de gemeentelijk basisadministratie (GBA) de vrouwen een uitnodiging voor de screening. De screeningsorganisatie is ervoor verantwoordelijk dat de vrouwen bij de uitnodiging de juiste voorlichting krijgen. De screeningsorganisatie is verder verantwoordelijk voor de kwaliteitsborging en de regionale evaluatie.

Het RIVM voert de landelijke aansturing en begeleiding van de kankerscreeningen uit namens de minister van VWS.

Belangrijk om inzicht te krijgen in groep vrouwen die niet reageren op oproep

Als vrouwen een uitnodiging voor de screening hebben ontvangen van de screeningsorganisatie of hun huisarts, kunnen ze een afspraak maken met hun huisarts of gynaecoloog voor een uitstrijkje. Een aantal vrouwen zal niet komen opdagen voor de screening en geeft hiervoor via een antwoordkaart een reden van niet-deelname. Dit kan het geval zijn als ze al onder controle is bij de gynaecoloog, als ze minder dan een jaar geleden nog een uitstrijkje heeft laten maken, als ze zwanger is en/of borstvoeding geeft. Dit zijn de zogenaamde passieve deelnemers. Vrouwen kunnen ook actief weigeren deel te nemen omdat ze bijvoorbeeld het nut van het onderzoek niet inzien of geen tijd hebben. Tot slot is er een groep vrouwen die niet reageert op de uitnodiging.

In het kader van preventie is de groep vrouwen die niet reageert op een uitnodiging een interessante groep. Van deze groep vrouwen is bekend dat zij vaak tot de risicogroep behoren. Het is voor gemeenten van belang inzicht te krijgen in de omvang en samenstelling van deze groep.

Voor meer informatie zie: Non-responsonderzoek bij screening op baarmoederhalskanker en borstkanker.

Indicatoren voor bevolkingsonderzoeken borstkanker en baarmoederhalskanker

Onderstaande tabel geeft een overzicht van indicatoren op het gebied van de bevolkingsonderzoeken borstkanker en baarmoederhalskanker waarover gegevens beschikbaar zijn. Deze beschikbaarheid bepaalt grotendeels de keuze van de indicatoren. Welke uiteindelijk in de regionale VTV worden opgenomen, wordt vooral bepaald door lokale wensen van gemeenten en zorgaanbieders.

Indicator

Omschrijving

Deelname aan borstkankerscreening

  • percentage vrouwen van 50 jaar tot en met 75 jaar waarbij in de afgelopen twee jaar minstens één keer een mammografie is gemaakt.

Opkomstpercentage borstkankerscreening in een bepaald jaar (jaar X)

  • aantal vrouwen dat heeft deelgenomen in jaar X / aantal vrouwen dat is uitgenodigd in jaar X.

Deelname aan baarmoederhalsscreening

  • percentage vrouwen tussen de 30 en 60 jaar dat in de afgelopen vijf jaar minstens één cervixuitstrijkje heeft laten maken.

Opkomstpercentage baarmoederhalsscreening in een bepaald jaar (jaar X)

  • aantal vrouwen dat heeft deelgenomen in jaar X / aantal vrouwen dat is uitgenodigd in jaar X.

Zie voor meer informatie:

kompasBorstkankerpreventie (Nationaal Kompas Volksgezondheid)

Icoon: Interne link naar documentBaarmoederhalskankerpreventie (Nationaal Kompas Volksgezondheid)

Naar boven


Gegevens en bronnen

Welke gegevens zijn beschikbaar voor deelname aan de bevolkingsonderzoeken?

Voor het in kaart brengen van de deelname aan de bevolkingsonderzoeken borstkanker en baarmoederhalskanker zijn zowel enquêtegegevens als registratiegegevens over opkomstpercentages beschikbaar.

Zorgatlas presenteert gegevens over deelname

Gegevens over deelname aan de bevolkingsonderzoeken borstkanker en baarmoederhalskanker zijn beschikbaar via het CBS (POLS) en in kaart gebracht in de Nationale Atlas Volksgezondheid ('Zorgatlas'). Het gaat hierbij om enquêtegegevens.

Registratiegegevens over opkomst verkrijgbaar via screeningsorganisaties

Registratiegegevens over opkomstpercentages zijn verkrijgbaar via de afzonderlijke screeningsorganisaties. In de jaarverslagen van deze regionale uitvoeringsorganisaties staan veelal de opkomstpercentages per gemeente. De site Icoon: urlBevolkingsonderzoek Borstkanker Nederland geeft een overzicht van de regionale stichtingen die de screeningen op borstkanker uitvoeren. Op de gezamenlijke website van de integrale kankercentra (Icoon: urlwww.ikcnet.nl) staan verwijzingen naar de regionale uitvoerders van de screening op baarmoederhalskanker.

Deelname per gemeente via jaarlijkse rapportages van screeningsorganisatie

Informatie over de deelname per gemeente is te verkrijgen via de jaarlijkse rapportages van de screeningsorganisatie waaronder de GGD valt. Maar in grotere gemeenten met een wijkindeling of in gemeenten die zijn samengevoegd uit een een aantal kleinere woonplaatsen is bekend dat de verschillen tussen deze wijken en/of woonplaatsen aanzienlijk kunnen zijn.

Informatie op het niveau van de wijk/buurt of woonplaats is te verkrijgen via de screeningsorganisatie. Je kunt dan gegevens opvragen op het niveau van de vierpositie postcode (woonplaatsen) of volledige postcode (buurten/wijken).

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de bronnen die je kunt hanteren voor gegevens over deelname aan bevolkingsonderzoeken baarmoederhalskanker en borstkanker.

Presentatieniveau gegevens

Bronnen

GGD-regio

  • Zorgatlas (CBS-POLS)
  • regionale uitvoeringsorganisaties

Gemeenten

  • regionale uitvoeringsorganisaties

Vergelijking gemeenten met GGD-regio

  • regionale uitvoeringsorganisaties

Vergelijking GGD-regio's met Nederland

  • Zorgatlas (CBS-POLS)
  • regionale uitvoeringsorganisaties

GGD-regio

  • In de Zorgatlas staat het percentage vrouwen tussen de 30 en 60 jaar dat in de afgelopen vijf jaar een cervixuitstrijkje heeft laten maken en het percentage vrouwen van 50 jaar en ouder dat in de afgelopen twee jaar een mammografie heeft laten maken.
  • De regionale uitvoeringsorganisaties van de screeningen beschikken over regionale opkomstpercentages (screeningsregio's komen meestal niet overeen met GGD-regio's).
  • Op basis van gemeentelijke opkomstpercentages kan een regionaal percentage worden berekend.

Ter illustratie

In de regio's Amsterdam (64,8%), Friesland (64,9%) en Rivierenland (65,4%) worden het minste aantal vrouwen gescreend op baarmoederhalskanker (periode 2005-2008). Het hoogste percentage heeft de regio Kennemerland (70,9%). Andere regio's die hoog scoren zijn Utrecht (70,4%) en Zeeland (70,2%).

Zie figuur 1.

Gemeenten

  • De regionale uitvoeringsorganisaties beschikken over gemeentelijke opkomstpercentages (jaarverslagen).

Ter illustratie

In Hart voor Brabant zijn de verschillen in opkomst tussen gemeenten bij het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker groot. In 2005 was de opkomst het laagst in de grote steden Tilburg (61,1%) en 's Hertogenbosch (64,6%) en het hoogst in Maasdonk (77,9%).

Zie: Gezondheid telt! In Hart voor Brabant (Hart voor Brabant 2006)

Nederland

  • De Zorgatlas bevat cijfers over het percentage deelnemers aan de twee verschillende bevolkingsonderzoeken in Nederland.

Ter illustratie

In Nederland is bij ruim driekwart van de vrouwen van 50 jaar of ouder in de afgelopen twee jaar minstens één keer een mammografie gemaakt (periode 2005-2008). Regionaal varieert dit cijfer tussen 67,9% (Rivierenland) en 85,7% (Flevoland).

Zie figuur 2.

Figuur 1: Percentage vrouwen van 30 jaar en ouder bij in de afgelopen 5 jaar een uitstrijkje is gemaakt, per GGD-regio, periode 2005-2008 (Bron: CBS, www.zorgatlas.nl).

Percentage vrouwen dat in afgelopen 5 jaar een uitstrijkje heeft gehad (2005-2008), per GGD-regio

Kaart kan vervangen zijn door een kaart met gegevens over een recentere periode. Kijk daarom in de Zorgatlas voor de meest recente kaarten (www.zorgatlas.nl, screening).

Figuur 2: Percentage vrouwen van 50 jaar en ouder bij wie in de afgelopen twee jaar minstens één keer een mammografie is gemaakt, per GGD-regio, periode 2005-2008 (Bron: CBS, www.zorgatlas.nl).

Percentage vrouwen dat een mammografie heeft gehad (2005-2008), per GGD-regio

Kaart kan vervangen zijn door een kaart met gegevens over een recentere periode. Kijk daarom in de Zorgatlas voor de meest recente kaarten (www.zorgatlas.nl, screening).

Naar boven

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

CBS
Centraal Bureau voor de Statistiek
URL: http://www.cbs.nl
Toolkit regionale VTV, versie 4.10, 16 februari 2015
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.